Stop met klagen : doe-het-zelfgids voor een vrolijke nieuwe wereld
We hebben maar één planeet : groene tips en inspiratie voor low impact kids
Details
Onderwerp
Ecologie,
Duurzame ontwikkeling
Extra onderwerp
milieuproblemen,
milieu,
Milieubewust consumeren,
Kinderboek van de week (Metro, 2011),
Ecologie (jeugd),
Duurzame ontwikkeling (jeugd),
Informatieve werken,
Duurzame ontwikkeling (jongeren informatief),
Ecologie (jongeren informatief),
Milieubescherming (jeugd),
secundair onderwijs,
Ecologische voetafdruk,
voeding,
Planeet,
energie,
afval,
Tips,
Tips voor jongeren 2011,
Ecologie ; leermiddelen,
Duurzame ontwikkeling ; basisonderwijs ; leermiddelen,
Low impact,
Kids,
kinderen,
cijfers,
Doeactiviteiten,
Testjes,
weetjes,
basisonderwijs,
Beroepsonderwijs,
Milieubewust handelen,
Milieueducatie
Minder
Titel
We hebben maar één planeet : groene tips en inspiratie voor low impact kids
Auteur
Steven Vromman
Auteur
Ilona Plichart
Illustrator
Tinne Van den Bossche
Taal
Nederlands
Editie
1
Uitgever
Leuven: Van Halewyck, 2010
176 p. : ill.
176 p. : ill.
ISBN
9789056179830
Besprekingen
Leeswelp
Op 176 pagina's FSC-papier (van gemengde bronnen uit onder andere goed beheerde bossen) overspoelen…
Op 176 pagina's FSC-papier (van gemengde bronnen uit onder andere goed beheerde bossen) overspoelen Steven Vromman en Ilona Plichart de lezers met tips om in het dagelijkse leven bewuster met het milieu en de planeet om te gaan. Dit boek vormt een aanvulling voor jongeren op het boek Low Impact Man van Vromman.
Een spindiagram vooraan wijst de lezers de weg door de veelheid aan thema's en onderwerpen. Het boek is gestructureerd onder een aantal grotere thema's zoals 'eten', 'afval', 'energie' en 'vrije tijd'. Een andere leidraad vormen de Low Impact Kids, kinderen die zichzelf vooraan in het boek voorstellen, en overal opduiken met eigen ervaringen of gebruiken uit hun cultuur. Met de keuze van die Low Impact Kids is gezorgd voor veel culturele diversiteit. In 'welkom in dit boek' wordt aangegeven dat de lezer met dit boek mag doen wat hij/zij wil. Het is niet zomaar de bedoeling van de auteurs om de lezer bepaalde overtuigingen op te dringen. Toch flirten Vromman en Plichart af en toe met die grens. In 'dieren eten' wijzen de auteurs er bijvoorbeeld op dat de vleesindustrie erg belastend is voor onze planeet. Ze hebben gelijk, maar is dat een rechtvaardiging voor het promoten van vegetarisme bij (erg jonge) kinderen? Wat is er bijvoorbeeld mis met het houden van en af en toe slachten van scharrelkippen, die in de tuin zelfs bergen afval verwerken? Daarnaast wordt te weinig aandacht besteed aan het belang van voldoende vervangproducten die nodig zijn voor de belangrijke groeiperiodes die de kinderen doormaken. 'Als je af en toe tofu, quorn, bonen of kikkererwten eet, volstaat dat zeker' is een stelling die bij vele volwassenen vragen zal doen rijzen. De auteurs hebben ongetwijfeld de beste bedoelingen, want ze stellen voor dat 'soms' vegetarisch eten (bijvoorbeeld één dag per week) ook al de goede weg opgaat, maar besteden toch iets te weinig aandacht aan de mogelijke gevolgen van hun ideologie.
Het boek is aantrekkelijk door zijn vormgeving, waarbij veel tekeningen in aardetinten gecombineerd worden met korte stukjes tekst. Moeilijke woorden worden waar nodig uitgelegd. Bij grote getallen gebruiken de auteurs zelfs creatieve omrekeningen, zodat de gegevens heel concreet voorstelbaar gemaakt worden. Ten slotte zit dit boek ook vol met creatieve opdrachten en activiteiten. Een aantrekkelijke uitgave, vol praktische tips, die soms toch met de nodige voorzichtigheid benaderd moeten worden. [Thomas Smets]
Een spindiagram vooraan wijst de lezers de weg door de veelheid aan thema's en onderwerpen. Het boek is gestructureerd onder een aantal grotere thema's zoals 'eten', 'afval', 'energie' en 'vrije tijd'. Een andere leidraad vormen de Low Impact Kids, kinderen die zichzelf vooraan in het boek voorstellen, en overal opduiken met eigen ervaringen of gebruiken uit hun cultuur. Met de keuze van die Low Impact Kids is gezorgd voor veel culturele diversiteit. In 'welkom in dit boek' wordt aangegeven dat de lezer met dit boek mag doen wat hij/zij wil. Het is niet zomaar de bedoeling van de auteurs om de lezer bepaalde overtuigingen op te dringen. Toch flirten Vromman en Plichart af en toe met die grens. In 'dieren eten' wijzen de auteurs er bijvoorbeeld op dat de vleesindustrie erg belastend is voor onze planeet. Ze hebben gelijk, maar is dat een rechtvaardiging voor het promoten van vegetarisme bij (erg jonge) kinderen? Wat is er bijvoorbeeld mis met het houden van en af en toe slachten van scharrelkippen, die in de tuin zelfs bergen afval verwerken? Daarnaast wordt te weinig aandacht besteed aan het belang van voldoende vervangproducten die nodig zijn voor de belangrijke groeiperiodes die de kinderen doormaken. 'Als je af en toe tofu, quorn, bonen of kikkererwten eet, volstaat dat zeker' is een stelling die bij vele volwassenen vragen zal doen rijzen. De auteurs hebben ongetwijfeld de beste bedoelingen, want ze stellen voor dat 'soms' vegetarisch eten (bijvoorbeeld één dag per week) ook al de goede weg opgaat, maar besteden toch iets te weinig aandacht aan de mogelijke gevolgen van hun ideologie.
Het boek is aantrekkelijk door zijn vormgeving, waarbij veel tekeningen in aardetinten gecombineerd worden met korte stukjes tekst. Moeilijke woorden worden waar nodig uitgelegd. Bij grote getallen gebruiken de auteurs zelfs creatieve omrekeningen, zodat de gegevens heel concreet voorstelbaar gemaakt worden. Ten slotte zit dit boek ook vol met creatieve opdrachten en activiteiten. Een aantrekkelijke uitgave, vol praktische tips, die soms toch met de nodige voorzichtigheid benaderd moeten worden. [Thomas Smets]
NBD Biblion
Mart Seerden
Inspirerende uitgave in oblong formaat over zó leren leven dat je als mens geen, of een zo klein…
Inspirerende uitgave in oblong formaat over zó leren leven dat je als mens geen, of een zo klein mogelijke, milieu en aarde belastende voetafdruk achterlaat tijdens je leven. Het rijke boek kan opgevat worden als een ‘levenshandleiding’ voor kinderen. De hoofdblokken waarop wordt ingezoomd zijn: eten, spullen, vrije tijd, energie. Voorts worden de ontwikkeling en het voortbestaan van de planeet aarde onder de loep genomen. Tot slot is er een instrument waarmee kinderen hun eigen ‘ecologische voetafdruk’ de maat kunnen nemen. De informatie wordt zo gepresenteerd dat je meteen wordt meegenomen door nieuwe inzichten, feiten en weetjes, doe-opdrachten (doeactiviteiten), analyses, overtuigingen, wist-je-dats, tests, tips voor thuis en P-M-I-lijstjes (plussen-minnen-interessantigheden). De informatie is to the point, luchtig , hartverwarmend en enthousiasmerend. Tal van vrolijke, kleurige, illustratieve knipsels wisselen de tekst af en vullen de informatie aan. Nadenken over en actief participeren in het groener maken van de eigen leefwereld blijkt erg leuk te zijn en maakt jezelf, je medemens, planten en dieren, kortom, heel het ecosysteem waarin je leeft en leven doorgeeft, gelukkiger en duurzamer. Met literatuurverwijzing. Zie ook www.lowimpactkids.be. Vanaf ca. 10 jaar.